In 2019 vierde TRIAS haar 20-jarig jubileum. In dat kader vertelde een aantal van onze medewerkers hoe zij het werk bij TRIAS ervaren. Nu TRIAS 21-jaar bestaat is het de beurt aan Conny Martens. Zij vertelt over haar werkzaamheden en hoe zij hierbij geholpen wordt door haar collega’s.

‘Kom maar eens langs’. Die uitnodiging van toenmalig mededirecteur Mieke Verhaegh deed Conny Martens in 2002 bij TRIAS belanden. “Ik was op dat moment actief in de werving- en selectiebranche en had regelmatig contact met Mieke. Ze gaf aan dat ze gingen uitbreiden. Zelf was ik me aan het oriënteren op een nieuwe uitdaging.”

TRIAS was toen bezig met ESF-trajecten (Europees Sociaal Fonds), het aanvragen van subsidies voor projecten om mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt aan het werk te helpen. “Dat lag dicht bij mijn HRM- en uitzendachtergrond maar had natuurlijk ook allerlei nieuwe aspecten. Dus besloot ik de overstap te maken.” In het begin, vertelt Conny, lag haar focus veelal op het onderwijs en arbeidsmarkt gerelateerde trajecten. “Totdat we ruim tien jaar geleden ook nadrukkelijk de bedrijvenmarkt op gingen. Ik heb een aantal jaren met veel plezier bedrijven geadviseerd en begeleid, maar merkte dat mijn hart toch bij de publieke sector lag.”

Tegenwoordig bestaat een belangrijk deel van haar werk uit het adviseren van gemeenten. “Gemeenten kunnen op zoek zijn naar subsidie voor eigen projecten, maar ook voor in de gemeente actieve partijen, zoals verenigingen en stichtingen. Ik zit dan regelmatig eens in de zoveel tijd een dag intern bij zo’n gemeente zodat medewerkers me vragen kunnen stellen en met me kunnen overleggen.” Belangrijk bij dat werk is de ondersteuning die ze krijgt vanuit TRIAS. “Ik moet de gemeente van zoveel mogelijke relevante informatie voorzien. Die krijg ik deels van mijn collega’s, die er mede aan bijdragen dat mijn kennis up-to-date is.”

 

“Ik moet de gemeente van zoveel mogelijke relevante informatie voorzien.
Die krijg ik deels van mijn collega’s, die er mede aan bijdragen dat mijn kennis up-to-date is.

 

Een werkwijze die haar zonder meer bevalt. “We hebben veel vrijheid, kunnen voor een belangrijk deel onze eigen manier van werken bepalen, maar er is altijd het team om mee te overleggen.” Ook de diversiteit van haar werk spreekt Conny aan. “Je zit op kantoor, maar eveneens regelmatig op locatie. Spreekt uiteenlopende mensen in allerlei lagen over allerlei verschillende onderwerpen.” Projecten die over de arbeidsmarkt of het onderwijs gaan, vindt ze nog altijd het leukste om te doen, zegt ze. “Daar ligt mijn hart.”

Dus ja, haar werk biedt haar nog altijd voldoende uitdagingen. Daarnaast is er de bijzonder prettige werksfeer, merkt Conny op. “Veel collega’s werken hier al geruime tijd, dat zorgt voor een band. We kunnen op elkaar bouwen, gebruik maken van elkaars expertise. Er ligt een mooie basis om verder te groeien; de markt biedt daar nog volop mogelijkheden toe.”